Verbijzondering van het alledaagse en onvermijdelijke                                                                  


Door Wim van der Beek


Eigenlijk is het tegen de regels: zoeken naar verwantschappen in het werk van twee kunstenaars
die juist bij elkaar zijn gebracht omdat ze volstrekt verschillend denken en werken.
Toch is de verleiding groot om in elk geval n overeenkomst aan te wijzen tussen de fotowerken
van Martine Sprangers en Anno Dijkstra: beiden houden zich bedoeld of onbedoeld bezig met het
verbijzonderen van de dagelijkse werkelijkheid en de onvermijdelijkheid van vergankelijkheid en dood.
Met deel 4 van de tentoonstellingscyclus 'Binnenstebuiten' sluit gastconservator
Jan Maarten Voskuil zijn verkenningstocht af naar kunstvormen en uitingen waarin zich paradoxale
verschijnselen of ambivalenties voordoen. In kunstcentrum Safe bracht hij het afgelopen jaar
gelegenheidsduo's samen om ogenschijnlijk tegengestelde kunstwerken elkaar te laten bevragen.
In de laatste aflevering van de serie, laten de tegengestelde visies en concepten,
hoe groot ze ook mogen zijn, elkaar met rust. In zekere zin versterken en completeren ze elkaar zelfs.
Dat de installatie van Dijkstra over de dood gaat, is duidelijk en vooropgezet.
Voor de documentaire fotoserie die Sprangers maakte over de Brabantse boerin Sjo,
geldt dat de onvermijdelijke dood die aanvankelijk alleen langs de zijlijn meeloopt,
zich op een gegeven moment in volle omvang manifesteert. Toch is de dood hier geen leidmotief maar
een soort onbedoeld bijverschijnsel waarvan de impact desondanks behoorlijk groot blijkt te zijn.
De fotoserie over de dagelijkse leefomgeving van Sjo is een waardevol en uniek tijdsdocument.
Gelukkig hoeft er sinds de laatste Documenta van Okwui Enwezor (Kassel 2002) niet meer gediscussieerd
te worden over de vraag of deze vorm van documentairefotografie wel of geen kunst is.


Iedereen kan gerust zijn: dat is ze! Maar zelfs al zou ze dat net zijn, dan nog doet dat niets
af van het bijzondere tijdsbeeld, dat n groot anachronisme lijkt te zijn maar bij nadere beschouwing
toch niet is. De onlangs overleden Sjo leefde in deze tijd, maar wel onder vooroorlogse omstandigheden.
Toch gingen de vernieuwingen niet helemaal aan haar voorbij, zoals blijkt uit sommige fotowerken.
Het bijzondere van de reportage schuilt niet alleen in het document als geheel, maar ook uit de
afzonderlijke delen, want met name daaruit valt het artistieke gehalte af te lezen.
Veel foto's manifesteren zich namelijk als zelfstandige stillevens.
Met dit verschil: wanneer een stillevenschilder de composities z bij elkaar gezocht had,
zou menigeen hem waarschijnlijk van overdrijving hebben beschuldigd.
Het chaotische interieur vertelt het levensverhaal van een vrouw die alles koesterde wat haar omringde.
Ze was geen hamster, maar kon kennelijk ook niets weggooien.
De voorwerpen uit heden en verleden leveren vreemde contrasten op, maar ook een bijna melancholische
kijk op een mensenleven dat gevoed werd door eenvoud en authenticiteit. In alle opzichten indrukwekkend.
Hoewel het rek met schedels van Dijkstra door de 'gekunsteldheid' schril contrasteert met de
fotodocumentaire van Sprangers, heeft hij het feitelijk over dezelfde dingen.
Juist door het aspect 'vervreemding' zwaar aan te zetten, laat hij zien dat de wrange werkelijkheid ook
een keerzijde heeft. De schedels zijn met autolak gespoten in de meest gewilde metallic kleurtjes
van deze tijd. De moderne variant op een 'schedelberg' vertoont daardoor opeens frappante
overeenkomsten met een showroom waar de nieuwste modellen verleidelijk staan te glimmen.


Tentoonstelling: Binnenste Buiten (deel 4), tot 19 december, Safe, Raadhuisstraat 1,
Dalfsen. Informatie: info@safe-art.nl