-Voortdurende verandering als vertrekpunt
Chapeau: Procesmatigheid bepaalt programmering Safe
                                                                  


Door Wim van der Beek

Iwan Boverhoff heeft de vaste programmering van kunstruimte Safe tijdelijk doorbroken.
De gastconservator is afgestapt van wisselende exposities.
Met het project 'Each connected to others, all edited frequently' onderneemt hij een
ultieme poging om de procesmatige kant van beeldende kunst te laten zien.
De deelnemende kunstenaars kregen het dringende verzoek om de bezoekers van Safe
te confronteren met 'work in progress'. De bijdragen moeten een voortdurend
veranderend karakter bezitten of gekenmerkt worden door een procesmatige aanpak.
Als extra restrictie stelde Boverhoff dat de projecten niet gerelateerd mochten
zijn aan de bunkerfunctie van de voormalige schuilkelder. Die beperking impliceert
een volledige breuk met het verleden van Safe. Nieuwe bezems vegen schoon,
onderstreept Boverhoff met zijn plan de campagne. Hoewel hij niet in alle
opzichten tevreden is over het veranderende karakter van de bijdragen, is
in de kunstruimte te zien wat hij onder de beweeglijkheid en de laboratoriumfunctie
van kunst verstaat. Het fenomeen 'werk in uitvoering' komt niet in alle gevallen
goed uit de verf (sommige bijdragen zijn nogal statisch), maar ondanks de
concessies heeft de aanpak enkele verfrissende zienswijzen en presentatievormen opgeleverd.
Het meest dominant is de hels ratelende machine van Stan Wannet, die naast veel
lawaai en ogenschijnlijk nutteloze bewegingen onder meer projecties op de wanden produceert.
De menselijke maat is rode draad in het gefingeerde productieproces.
Lopende banden en allerlei geassembleerde attributen (variŽrend van pianotoetsen tot schokbrekers
en generatoren) wekken de suggestie dat de mechanische mens werkelijkheid is geworden.
De bijdrage van Niek de Jong contrasteert in alle opzichten van de hectiek van Wannet.


De Jong bouwde vanuit een mobiele hut aan een intiem minimuseum.
Hij vestigt zich graag tijdelijk in de natuur, langs de snelweg, in een kerk of bij Schiphol.
Op deze markante plekken maakt hij 'in zichzelf gekeerd als een eigentijdse Boeddha' en in
overeenstemming met de omgeving poŽtische schilderijtjes. Alles draait om 'het zijn'.
Maarten Janssen en Jillis Verbeek confronteren de kijker met geschreven beelden waarvan het nadeel
is dat ze gelezen moeten worden. Het blijkt vaak moeilijk om de voor dat leeswerk noodzakelijke
concentratie op te brengen. De drie toegevoegde beeldprojecties heffen de discrepantie tussen
woord en beeld enigszins op. Een ballon die in de ruimte hangt, een zon gevangen in glas en lood
en een dakloze vrouw in een slaapzak met zeemeerminstaart veroorzaken minimale bewegingen.
Fascinerend zijn de veranderingsprocessen die Michel Harleman op gang brengt in twee grote
aquariumbakken met accuzuur. Een in het klein nagebouwd rangeerterrein met karkassen
van auto's, containers, caravans, windmolens en SRV wagens wordt blootgesteld aan de
oxidatie van zink en koper onder invloed van de inwerking van lucht, water en bijtend zuur.
De effecten zijn met het blote oog waarneembaar en verschillen van dag tot dag.
Ook Kevin ter Braak voldoet aan de geformuleerde doelstellingen van Boverhoff.
Hij geeft bezoekers een reisgids van Lonely Planet mee met het dringende verzoek om
reiservaringen te bewaren en in te brengen in de tentoonstelling. Zo ontstaat een
wereldomvattend document van dingen die samen het ondernemen van virtuele reizen en
het reizen in de geest mogelijk maken. Jan Vos concentreert zich op het wegpoetsen
van de herkenbaarheid en identiteit van dagelijkse gebruiksvoorwerpen, terwijl
Marco Gerritsen zich met zijn video installatie 'Enjoy Failure' focust op een
totaal andere beleving van de dagelijkse werkelijkheid. In beide gevallen
leiden de ingrepen tot desoriŽntatie. Liesje van Tuyl heeft met krijtlijnen in een rode
ruimte passen en bewegingen van de tango geregistreerd. Ze stelt daarmee de relatie tussen
het mannelijke en vrouwelijke aan de orde. Aan de hand van concrete lijnstructuren
worden interacties en fricties tussen leiden en laten leiden uitgewerkt.